Het dubbelzinnige, soms verwarrende werk van Suchan Kinoshita lijkt enigszins los te staan van de ernst van het leven. Maar is dat wel zo? De misverstanden die het oproept geven ruimte voor een nieuwe, verrassende kijk op het bestaan. Haar werk is alsof je de ramen even openzet: alles staat er nog, maar het is wel lekker opgefrist.

door Duncan Liefferink

Jaren geleden moest ik met een goede vriend advertentieruimte in een studentenalmanak verkopen. We zaten samen te bellen. Had ik geen succes, dan wenste ik beleefd goedendag en ging door met het volgende nummer van de lijst. Als mijn vriend bot ving, zei hij: “Ik ben bang dat er sprake is van een misverstand!” En hij begon zijn verhaal van voren af aan. Hij verkocht veel meer advertenties dan ik. Bij mij drong het inzicht door dat misverstanden heel vruchtbaar kunnen zijn.

Misverstanden, vruchtbare misverstanden spelen ook een grote rol in het werk van Suchan Kinoshita. Een voorbeeld. De titel van haar tentoonstelling in het prestigieuze Museum Ludwig in Keulen is In 10 Minuten. Her en der in de zaal staan kartonnen bordjes waarop met snelle hand ‘In 10 Min’ of ‘In 20 Min’ geschreven is. “Die bordjes komen voort uit een happening in het Van Abbe Museum in Eindhoven eerder dit jaar”, vertelt Kinoshita in haar atelier in Maastricht. “Er waren de hele nacht op gezette tijden voorstellingen en performances. Ik zette van die bordjes neer om aan te kondigen wanneer ik weer zou beginnen, maar ik realiseerde me ineens dat iemand die binnen komt lopen, daar helemaal niets aan heeft. In tien minuten, okee, maar wanneer zijn die tien minuten begonnen? En wat gaat er dan gebeuren?” Ze zit zich een beetje te verkneukelen terwijl ze het vertelt. In Keulen zijn die bordjes zelfstandig geworden. Ze geven een gevoel van verwachting en voortdurend uitstel, een permanente overgangssituatie.

In 10 minuten: het is als het wachten op Godot uit het toneelstuk van Samuel Beckett. Die komt ook niet, maar intussen gebeurt er van alles en dat is het hem nu juist. Zo zijn er in Keulen twee video’s te zien. Ze worden tweezijdig geprojecteerd op een soort toneeltje, waarbij niet duidelijk is wat de voorkant en wat de achterkant is. Op een tafel liggen tientallen diaviewertjes. Ze bevatten allerlei voorwerpen –een schroefje in een veer, een propje zilverpapier, een sigarettenpeuk – die door het viewertje tot monsterlijke afmetingen worden opgeblazen. Je zou ze je zo als levensgrote sculpturen in de zaal kunnen voorstellen. Even verderop staat een wand met daarin een bolle spiegel. Je ziet de hele zaal, jezelf en de andere bezoekers, maar het midden van de spiegel is doorzichtig. Daardoorheen zie je een feeëriek verlichte, langzaam draaiende discobal. Als je om het wandje heenloopt, kun je er gewoon naartoe en weer vraag je je af wat nu eigenlijk frontstage en wat backstage is. In een andere video-installatie ontdek je na verloop van tijd dat de beweging op het scherm grotendeels door je eigen voeten wordt veroorzaakt. Verspreid door de zaal staan ook exemplaren van wat het handelsmerk van Kinoshita is geworden: grote glazen zandlopers die zijn gevuld met verschillende vloeistoffen en ieder op hun eigen tempo de tijd aangeven.

De wereld van Suchan Kinoshita is er een van dubbelzinnigheid en verwarring: over het tijdsverloop, over de ruimte waarin je je bevindt, over je rol als toeschouwer en als onderdeel van de voorstelling. Kinoshita: “Bij de productie van strips en tekenfilms had je vroeger mensen die de belangrijkste scènes tekenden, de frames, en anderen die de overgangen van de ene naar de andere scène maakten. Dat waren de in-betweeners. Dat lijkt onbelangrijk, maar die mensen brachten wel de logica tussen de gebeurtenissen aan. Dat proces van in-betweening, die tussenruimtes, daarin ben ik geïnteresseerd. Juist daarin ligt niet alles vast. Je kunt ook nog een andere kant op. Er is nog ruimte voor misverstanden, al kun je je afvragen of dat wel het juiste woord is. ‘Misverstand’ veronderstelt dat er één oplossing ‘goed’ is en de rest ‘fout’. Dat bedoel ik niet. Het gaat mij om het koesteren van de ruimte als je iets niet ‘verstaat’. Als je een taal niet kent, luister je er op een heel andere manier naar – en hoor je muziek! Dat is geen ‘misverstaan’, maar eerder zoiets als ‘niet-verstaan’. Die twee kanten zitten heel mooi in het Duitse woord versprechen. Dat betekent ‘verspreken’, ‘fout’ spreken, maar ook ‘beloven’. Gertrude Stein schreef dat herkenning de zin van het kunstwerk teniet doet. Zodra je iets herkent, ligt het vast en is de openheid weg.”

Suchan Kinoshita (Tokio, 1960) heeft een Japanse vader en een Duitse moeder. Ze groeide op in Japan en verhuisde op haar negentiende naar Duitsland. Daar studeerde ze muziek, onder meer bij Mauricio Kagel in Keulen, en was actief in het experimentele theater. In 1988 kreeg ze een stipendium voor de Jan van Eyck Academie in Maastricht en ontwikkelde haar werk zich meer in de richting van de beeldende kunst. Sindsdien is Maastricht haar uitvalsbasis voor een indrukwekkende carrière met tentoonstellingen in zo goed als alle werelddelen. Ze spreekt een stuk of vijf talen en gebruikt die vaak dwars door elkaar heen in haar werk. Twee paar dagen per week geeft ze les aan de kunstacademie in Münster. Tussen de bedrijven door speelt ze een belangrijke rol achter de schermen van het Maastrichtse kunstleven. Ze stond in 1995 aan de wieg van kunstenaarsinitiatief Hedah en is nog steeds één van de drijvende krachten achter de organisatie. “Ik zie dat als een verantwoordelijkheid tegenover de stad waar ik woon”, zegt ze. “Kunstenaars moeten een plek hebben waar ze in alle vrijheid kunnen bepalen wat ze willen doen. Daarnaast is het voor mij een tegenwicht voor alle vluchtige internationale contacten. Hier kan ik echt iets mee helpen opbouwen.”

Pendelend van land naar land, van taal naar taal en van medium naar medium lijkt Kinoshita een geboren transitreiziger, de in-betweener van haar eigen leven. “Zo zou je het kunnen zien”, geeft Kinoshita toe. “Maar volgens mij zegt de biografie van de kunstenaar niet zoveel. Mythes daarover zijn snel gemaakt, maar je hebt er meestal niets aan. Bovendien denk ik dat iedereen voortdurend van plaats en van rol wisselt. Je moet het alleen zien. Mijn werk staat heel dicht bij het leven van alledag. Het begint vaak bij heel gewone dingen.”

Wie heeft zich nooit verwonderd over de aanblik van joggers die in vreemde kledij en met draadjes uit de oren door straten en parken rennen? In 2005 maakte Kinoshita er een werk over. Ze vroeg een aantal joggers van hun normale route af te wijken en door de Kunsthalle Bern te lopen. Op de benedenverdieping volgden ze de rondgang van een normale museumbezoeker, op de bovenverdieping liepen ze een onzinnig zigzag-parcours in één van de zalen. “Dat kun je humor noemen, natuurlijk!” lacht Kinoshita. “Maar die humor is het startpunt voor een andere kijk op de dingen.” Het blijven joggers, maar het zijn ook museumbezoekers geworden. En ze maken zelf deel uit van het kunstwerk dat ze bekijken.

Of neem de Isofollies op de tentoonstelling in Keulen: “Ik was uitgenodigd voor een tentoonstelling over ecologie in Sharjah in de Verenigde Emiraten. Daar had ik helemaal geen zin in, ik vond het thema veel te zwaar. Ik ben er met niets heen gegaan en heb tijdens de opbouw van de tentoonstelling afval verzameld. Dat heb ik strak verpakt in zwart plastic. Het afval was verdwenen, geïsoleerd, maar juist daardoor ook weer heel erg aanwezig. De organisatie was stomverbaasd dat ik de balen na afloop wilde meenemen. Ze zijn per schip naar Rotterdam gekomen. Ik had verwacht dat de douane er een paar zou hebben opengesneden, maar dat was niet gebeurd. Nu was het kunst! Als je een keer iets wilt smokkelen, dan moet je het zo doen!”

Hoezeer het oeuvre van Kinoshita ook geworteld mag zijn in het dagelijks leven, je zou de speelsheid ervan gemakkelijk kunnen verwarren met vrijblijvendheid. Het is maar hoe je er tegenaan kijkt. Aan de ene kant wordt haar werk en dan vooral de vermenging van maatschappelijk geaccepteerde rollen soms opgevat als kritiek op bestaande machtsverhoudingen. Dat gaat Kinoshita een beetje ver, het komt te dicht bij de hapklare interpretaties die ze in een ander interview afdeed als ‘bemoeizucht’. Aan de andere kant zit er wel degelijk een politieke ondertoon in bijvoorbeeld de video die ze samen met Eran Schaerf en Eva Meyer maakte en die ook in Keulen te zien is. De film toont beelden van een demonstratie. Mensen dragen borden met teksten. Nu en dan laten ze de witte achterkant van de borden zien. Tegelijkertijd klinken er regie-aanwijzingen: de demonstratie is in scène gezet, de demonstranten volgen slechts een script. “De film heeft geen expliciete politieke boodschap”, zegt Kinoshita, “maar we spelen wel met politieke elementen. Het is meer zoiets als het luchten van de kamer, alsof je de ramen even openzet.”

Suchan Kinoshita, In 10 Minuten. Museum Ludwig, Keulen, t/m 30 januari 2011.