Regelmatig duikt de term Price Per Wear (PPW) op in de fashionwereld. Wat kost een kledingstuk of accessoire uiteindelijk per draagmoment? Deel de aankoopprijs door het aantal keren dat je het kledingstuk, schoenen of handtas draagt, en je weet de PPW. Het is klip en klaar dat je een mooie klassieke jas of een kasjmieren trui veel vaker draagt dan een exclusieve avondjurk. Maar in principe geldt: hoe lager de PPW, hoe beter.

Duurzaamheid is een issue in de huidige modewereld, al gaat het dan voornamelijk over de manier waarop de productie tot stand komt. Maar een lage PPW, zoals hierboven omschreven, staat natuurlijk ook garant voor kwaliteit en duurzaamheid. Ik bedoel dan in de zin van heel lang bruikbaar en draagbaar. En dat is helaas niet het geval met de bergen kledingstukken die gekocht (en geproduceerd) worden om slechts enkele keren te dragen en die daarna al snel in de vuilniszak verdwijnen.

Nog schokkender vind ik de manier waarop wordt omgegaan met andere gebruiksartikelen. Het is kennelijk heel normaal om bijvoorbeeld servies, bestek, tafellinnen of een bankstel aan te schaffen met het idee om het na één of twee jaar al te vervangen. Uit onderzoek blijkt dat millennials een groot deel van hun interieur en toebehoren vervangen nog voordat ze er aan gewend zijn.

Er bekruipt me een heuse angst wanneer ik denk aan het idee dat ik elke twee jaar vertrouwd moet raken met een nieuw servies, of afstand moet doen van mijn heerlijk bedlinnen.

Hoe fijn vind ik het om te eten van het servies waar ik vroeger als kind al van at. Of later bij mijn ouders thuis met Kerst of Pasen. Hoeveel fijne herinneringen roept dat niet bij me op?

Van de mooie linnen lakens waar mijn ouders nog onder sliepen, heb ik mooie dekbedovertrekken gemaakt. Puur genieten als ik onder een kraakvers overtrek kruip. Veel spullen zijn herinneringen, en herinneringen verrijken mijn leven.

Dit heeft niets met leeftijd te maken, maar met levensinstelling en waardering voor voorwerpen. En ook dat moet je leren. Leren om een selectie te maken tussen spullen die snel op zolder of in de container zullen verdwijnen en spullen die je na jaren en jaren nog fijn vindt om je mee te omringen. Dat geldt ook voor tijdloze kwaliteitskleding die je kunt blijven dragen.

Alles moet tegenwoordig snel vervangen kunnen worden. De ietwat cynische angst bekruipt me bij de vraag in hoeverre dit blijft bij materiële vervangingsdrift? Of gaat dit ook op voor immateriële zaken zoals vriendschap, relaties, betrekkingen? Genoeg stof om over na te denken…