Grafisch ontwerper Musketon ving veertig Genkse huizen in tekeningen. TWAN VAN DEN BRAND zocht de huizen en de bewoners op. “In Genk is veel nieuw, voor mij zit de uitdaging in oud.”

Genk is herbouwd onder takels en katrollen. Een deel van Genk althans. Tientallen huizen uit acht stadsdelen. Als moderne kunst publiek gemaakt in C-mine. Alleen hun voorgevel welteverstaan. Wat zich daarachter afspeelt of heeft afgespeeld, blijft verborgen.

Nou vooruit, bij dat ene huis aan de Eikenlaan gaat het venster even open. Kijk naar binnen en zie ze zitten: Angel Morato, 85 jaar, en zijn wederhelft Maria Dolores Perez, tien jaar jonger. Ze komen uit Madrid. Maar intussen is Angel meer Genkenaar. Hij woont sinds 1957 in deze stad. Vier jaar later is hij even naar Spanje teruggegaan. Om zijn Maria te huwen en mee te tronen, naar België. In 1969 zijn ze verhuisd naar de woning die nu, als tekening, onder takels en katrollen is tentoongesteld in C-mine. Ze voedden er drie dochters en een zoon op; zeven kleinkinderen komen regelmatig langs.

Een van die dochters is Dolores. Ze groeide hier op, maar is al lang het huis uit. Getrouwd met Alfio, Italiaan van geboorte. Spaans, Italiaans, zo vreemd is dat niet in Genk. De stad is voor meer dan de helft van “die van elders”, die intussen trouwens al lang “die van hier” zijn.

Dolores ziet de tekening van haar ouderlijk huis voor het eerst. Ze kijkt, en kijkt nog eens. Is dat een voordeur? Die hoort daar niet te zitten.

Klopt, zegt de verantwoordelijke kunstenaar Musketon, het is geen deur, het is een schaduw. Musketons echte naam is Bert Dries (Genk, 1989). Hij is grafisch ontwerper en heeft, in opdracht van C-mine, veertig huizen en tien monumenten in de stad op zijn eigen, vrij directe manier getekend. Ze lichten letterlijk op aan de muren van C-mine Designcentrum, gehuisvest in een gebouw van de voormalige Winterslag-mijn. Hier komen oud en nieuw bijeen.

Vader Angel Morato was een van de talrijke gastarbeiders die jarenlang in de schachten van de mijn heeft gezweet. Nu hangt zijn huis, voor even een beetje ook het huis van Musketon, er aan de muur. Onder ons gezegd en gezwegen, laat de kunstenaar zich ontvallen, kan ik even geen huis meer zien. Gelieve dus niet verder te vertellen wat hij erop laat volgen: “In Genk is veel nieuw, voor mij zit de uitdaging in oud. Ik ben begonnen met de tien huizen die mij het meest aanspraken, dat is persoonlijk natuurlijk, en toen moest de rest nog. De lol ging er wel vanaf.”

Bert Dries, die als ontwerper werkte voor merken als Mazda, Coca-Cola en Nike, bouwde niettemin verder aan zijn stad. En hij bracht Genk bijeen. Want dat is wat de expositie ook doet: verbinding maken. Kijk nou: dat is het huis van die en die, je weet wel, in de Vennestraat.

Dries knikt, het ware mooi geweest als er bij elke gevel ook een verhaal te horen zou zijn. Druk op een knop en door de koptelefoon, op een app of anderszins, met het verhaal van Angel en Maria.

De burgemeester, met toevallig dezelfde achternaam als de kunstenaar, wil wel toegeven dat het verhaal achter de gevel een aanvulling had kunnen zijn. Hij is ook een optimist: “Ik hoop dat de mensen nu zelf de geschiedenis bij hun huis gaan opschrijven.” Mogelijk buitenkansje: die verhalen, met de illustraties, kunnen altijd nog gebundeld worden.

Nu eerst de expositie. En straks, als die na juni is verstreken, mogen de veertig gelukkigen de tekening van hun huis boven de schouw hangen. Dolores weet nog niet waar haar ouders het werk een plek zullen geven. Wel dat ze trots zullen zijn.
Toen Musketon, geboren Genkenaar, woonachtig in Gent, de inwoners opriep om een foto van hun woning in te sturen, reageerden meer dan honderd mensen. “Ik heb gekeken welke huizen me aanspraken. Ook het verhaal dat erbij hoorde telde mee bij de selectie.” De expositie in C-Mine is een vervolg op Vector City, waarin Musketon gevels vanuit de hele wereld even gedetailleerd en eigenzinnig samenbracht. Dat leverde ook een boek op.

Het verhaal dat Dolores meestuurde met de foto, was dat van haar jeugd. Én dat van haar vader, die op zijn 85e maar geen afstand kan doen van zijn in de jaren twintig gebouwde huis. Eigenlijk was de woning te duur voor een eenvoudige mijnwerker. Te groot ook. Want vroeger was voor de koempel zo’n honderd vierkante meter meer dan genoeg; een mijningenieur kreeg het dubbele ter beschikking. Rangen en standen. Angel Morato had een meevallertje.

In zijn tekening heeft Musketon het huis van de buren losgehakt, zodat het vrijstaand lijkt. Hier en daar heeft hij een leuk autootje voor de deur gezet en zich andere artistieke vrijheden gepermitteerd. Zo verlevendigt hij zijn kijk op Genk.

Het huis van Angel Moreto, het hele rijtje huizen in de Eikenlaan, is ontworpen door de Brusselse architect Adrien Blomme, die zijn inspiratie uit Engeland haalde. Die cottage-stijl is op de tekening van Musketon goed te herkennen.

Met zijn Maria gaat Angel zeker nog kijken hoe hun Musketon-huis erbij hangt bij C-mine, in de ventilatorhal van de voormalige mijn waar hij vroeger ondergronds ging. De trap naar de expositieruimte is steil. Maar de twee zullen op hun gemak afdalen. En als ze omhoog kijken zijn daar, heel vertrouwd, die takels en katrollen.

C-mine Home. Van 31 maart t/m 24 juni in C-mine designcentrum Genk. c-mine.be